Geschiedenis
Deze
molen is een achtkantige stelling molen die koren kan malen voor verwerking tot
veevoer. Er ligt één koppel 16-der kunststenen in.
De
molen heeft een achtkantige stenen onderbouw waarop een houten bovenachtkant
staat. De romp is met riet gedekt. Tot de bovenkant van de kap is de molen 18
meter hoog, het topje van de wiek komt 26 meter boven het maaiveld uit. De kap
heeft een voeghouten kruiwerk. Het deel van de molen dat op de wind gezet kan
worden, de kap met de wieken, weegt zo´n 14000 kg. De totale lengte van het
uiteinde van de ene wiek naar de tegenoverliggende wiek, het gevlucht, bedraagt
22,20 meter. De bovenas is van gietijzer en in 1863 door de firma Wed. A.
Sterkman uit ´s Gravenhage gemaakt, het nummer is 219.
De
molen is in 1894 op deze plaats neergezet, maar daarvoor was het een
poldermolen, die in 1813 gebouwd is door molenmaker Ritsma uit Haulerwijk voor
het bemalen van de polder “Hoop op Beter” bij Veendam. De oudste delen zijn
vermoedelijk van rond 1740. In 1937 is er een restauratie uitgevoerd waarbij de
van Busselneuzen zijn geplaatst, daarna heeft er in 1963 weer een restauratie
plaatgevonden door molenmaker Huberts uit Coevorden. Tot 1992 was de molen nog
regelmatig in gebruik door molenaar Snijders. Toen deze in 1997 overleed was de
staat van de molen niet goed meer. Restauratie was erg duur en daarom is de
molen in een stichting ondergebracht. De firma Molema uit Heiligerlee heeft de
molen gerestaureerd en op 26 augustus 2000, Drentse molendag, is de molen weer
in gebruik genomen door de gedeputeerde van Cultuur van de provincie Drenthe,
Mevr.Brink en de wethouder van de Gemeente Coevorden de Heer Thiele.
Copyright © 2001 [Stichting Molen 'de Hoop']. Alle rechten voorbehouden.